woensdag 13 augustus 2014

De Waal - ronde 2


Gisteren toen ik thuis kwam was ik tevreden met de vangsten, alleen jammer dat die witvingrondel niet boven water is gekomen. En waarom heb ik eigenlijk niet geprobeerd snoekbaars te vangen? Vastberaden ben ik vandaag terug gegaan. Bijna op de stek aangekomen zie ik een vrouw met de hond lopen. Ze vertelde me dat deze kribben hier niet veel zijn, maar dat de eerste aan de andere kant van de brug altijd snoekbaars op zou moeten leveren. Ik bedank haar vriendelijk en vertrek richting die kribbe. Na een klein stukje tussen de planten door te waden loop ik over de stenen aan het water. Bij de kribbe aangekomen zie ik dat er overal blokken liggen, op sommige plekken ligt ook grind met hier een daar een groter blok. Ik besluit om er nog maar een stuk verder langs af te lopen. Na een paar stappen steekt er op eens iets in mijn been. Ik voel in mijn broekzak en kom er achter dat het een pakje onderlijnen is wat zo prikt. Ik dacht eerst dat het nietje in mijn been zat, want dat had ik eerder al een beetje uit zien steken. Ik voelde wat verder, heel voorzichtig, en kwam er achter dat de voorste haak uit het pakje door het plastic was gestoken. Vervolgens met lepeltje en al door mijn broek en in mijn been.

Blij dat ik geen vis ben!
 Doordat ik een paar verkeerde stappen zette terwijl ik mijn rugzak pakte voor een schaar, begon ik het bijna uit te schreeuwen van de pijn. Toen ik mijn schaar eenmaal had heb ik het draadje afgeknipt in mijn broek, ik zag meteen dat de haak al op twee plekken had geprobeerd om zich naar buiten te prikken. Een tang om het lepeltje af te knippen en de haak door te drukken had ik niet. Ik heb mezelf uiteindelijk gewoon als een vis onthaakt,  het haakje zat al zo los in mijn been van het bewegen dat dit zonder al te veel pijn kon. Dat ding er eindelijk uit hebben was wel echt een verlichting.

Ik ben de 25m die ik nog moest doorgelopen en heb daar uitgegooid met mijn pickertje, vrijwel meteen had ik een zwartbekgrondel. Deze heb ik even doodgeslagen en aan mijn andere hengel bevestigd. Ik viste verder met de picker en ving nog een paar zwartbekgrondels. De hengel voor de snoekbaars zat al snel vast, hop weg lood, weg lijn, weg dreg. Snel een nieuwe onderlijn gemaakt en de eerst volgende grondel weer een klap verkocht ('t is dat 't moet) en aan de haak gemaakt. Ik heb deze even uitgegooid en de rest van mijn spullen ingepakt, omdat ik baalde dat ik meteen een lijn kwijt was. Een stuk verder gelopen kon ik net in de stromingslijn komen met mijn visje, daar heb ik ingegooid. Het duurde niet lang voordat de hengel weer vast zat en ik weer de lijn kwijt was! Omdat ik nog maar één lijn en groot genoeg stuk lood bij heb voor zo ver te vissen besluit ik om toch maar weer naar het zandstrandje van gisteren te gaan. De picker heb ik weer met maat 22 haak, een made en vijf gram lood uitliggen. Vijf gram lijkt weinig voor een grote rivier, maar het gaat, als je je lijn maar niet te strak legt en niet te ver en in niet al te harde stroming vist. Hoe harder de stroming hoe minder ver je kunt vissen.

Roofblei
 Al snel ving ik een pontische stroomgrondel, deze ging op dezelfde manier aan de haak als de vorige twee grondels. Op het pickertje ving ik verschillende grondels, hier op het zand zijn het vooral kleine zwartbekgrondels en grotere pontische stroomgrondels. Niet veel later begonnen ook de kleine roofbleitjes en alvers op het pickertje te bijten. Tussen de grondels door ving ik drie alvers, vijf roofbleitjes en twee minuscule windes. Toen ik weer ingooide kreeg ik al snel weer beet, ik draai het visje binnen en het is een witvingrondel! Weer een nieuwe soort erbij!

Na nog een aantal zwartbekken en stroomgrondels krijg ik weer beet. Deze keer wordt het kleine visje onderweg naar de kant gepakt door
Witvingrondel
een roofblei van een centimeter of dertig. Ik gooi mijn beugel open, in de hoop dat hij het visje snel wegwerkt en ik hem misschien op de kant kan krijgen, maar meteen als ik aansla is de roofblei weg en zie ik dat ik nog een witvingrondel heb gevangen. Terwijl ik bijna het laatste voer in het water gooi krijg ik weer beet, ik voel dat deze vis wat groter is. Aan de kant gekomen zie ik dat het brasem is. Ik gooi nog een keer in, voordat ik het weet heb ik weer beet. Weer een brasem. Zo vang ik er in tien minuten nog twee. Als ik al mijn spullen in aan het pakken ben krijg ik nog een keer beet, dit voelt raar.. Alsof het een zak is, maar wanneer het lood op de bodem komt rent het aan! Ik draai binnen en zie dat ik een Chinese wolhandkrab heb, het haakje zit om de draad om zijn poot heen. Ik gooi hem terug en klap mijn hengels in. Dat een dag zo slecht kan beginnen en toch zo goed kan eindigen.
Brasem
Krab

Geen opmerkingen:

Een reactie posten